In zekere zin draagt het kiesrecht tevens enkele kenmerken van de gelijkheidsrechten. Zonder
aanzien des persoons en zonder onderscheid naar stand, groep of geslacht is het kiesrecht
toegekend aan iedere burger.23
(7.2). De Kiesregeling
De Kiesregeling waarborgt het geheel van de organisatie van de verkiezingen en vindt zijn
grondslag in hoofdstuk IX van de Grondwet van 1987. De beginselen waarop de
democratische staatsordening berusten zijn in artikel 52 leden 1 en 2 Grondwet weergegeven.
1. De politieke macht berust bij het volk en wordt uitgeoefend in overeenstemming met
de Grondwet
2. De politieke democratie kenmerkt zich door participatie en representatie van het
Surinaamse volk, hetwelk tot uitdrukking komt door de deelname van het volk aan het
vaststellen van een democratisch politiek stelsel, alsmede door deelname in wetgeving
en bestuur, gericht op het handhaven en uitbouwen van dit stelsel. De politieke
democratie schept voorts de voorwaarden voor deelname van het volk aan algemene,
vrije en geheime verkiezingen ter samenstelling van de volksvertegenwoordigende
organen van de regering.
Het participatiebeginsel zoals genoemd in artikel 52 lid 2 Grondwet kan gezien worden als
een proces van electorale participatie, dat wil zeggen de deelname door burgers aan
algemene verkiezingen en conventionele politieke participatie: alle activiteiten van burgers
direct of indirect zijn gerelateerd aan het electorale proces, met uitzondering van het stemmen
zelf.24 Participatie is nader geregeld in de Kiesregeling, het Decreet Verplichte
Burgerregistratie, het Decreet Politieke Organisaties en de Decreten regelende de Ressortenen de Districtenindeling. Het representatiebeginsel regelt wie op welke niveaus in de
hoedanigheid van personen, (die over het actief kiesrecht beschikken) kunnen worden
gekozen tot volksvertegenwoordigers. Het passief kiesrecht is vastgelegd in hoofdstuk X van
de Grondwet en de representatie is nader geregeld in hoofdstuk VII van de Kiesregeling.25
8. ENIGE OVERWEGINGEN MET BETREKKING TOT DE
VERKLARINGEN VAN DE OAS OVER DE VERKIEZINGEN VAN 2010 EN 202026
De Organisatie van Amerikaanse Staten (O.A.S), Electoral Observation mission voor de
algemene verkiezingen van de Republiek Suriname op 25 mei 2010.
In het rapport van de verkiezings- en observatie missie van de OAS ten aanzien van de
verkiezingen van 2010 staat vermeld dat er een significante ongelijkheid was tussen de
kiesdistricten in Suriname. Er is aangegeven dat 153.848 geregistreerde kiezers in
Paramaribo 17 leden van De Nationale Assemblée konden kiezen, terwijl in Coronie 1886
kiezers 2 leden van De Nationale Assemblée konden kiezen. Met andere woorden, een zetel
in Paramaribo vertegenwoordigt ongeveer 9000 stemmen, terwijl in Coronie dezelfde zetel
23
Flisinga D. J., 1997 p. 27-28.
24 Van der Pot, 2006, Handboek van het Nederlandse staatsrecht, bewerkt door Prof. Mr. D.J. Elzinga, Prof. Mr. R. de Lange, m.m.v. Mr. H.G.
Hoogers, Kluwer-Deventer, vijftiende druk.
25 Polanen Sam, Het kiessysteem van Suriname, in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken, 2010.
26 Uit door het Hof ingewonnen informatie is gebleken dat het eindverslag van de OAS over de verkiezingen van 2015 niet is gevonden.
Page 11 of 27