POLITIEKE ORGANISATIES: (5.9). Het Hof heeft schriftelijk contact gemaakt met de politieke organisaties die geregistreerd staan in het openbaar register bij het Centraal Hoofd Stembureau (CHS) in het verkiezingsjaar 2020 omtrent hun zienswijze met betrekking tot de werking van het huidige kiesstelsel. Deze politieke organisaties konden binnen een door het Hof aangegeven termijn hun visie kenbaar maken.9 De politieke organisaties VHP, NPS, BEP, DA’91 en A20 hebben binnen de gestelde termijn gereageerd.10 6. INHOUDELIJKE OVERWEGINGEN MET BETREKKING TOT DE ONTWIKKELING VAN HET HUIDIGE KIESSTELSEL Voordat het Hof ertoe overgaat om de rechtsvragen te beantwoorden wordt een korte historische analyse van de kiesstelsels in Suriname gegeven. (6.1). De historische ontwikkeling van kiesstelsels in Suriname vanaf 1865. In 1865 werd op basis van het Regeringsreglement (prototype van een Grondwet) een vertegenwoordigend college, de Koloniale Staten ingesteld. Dit college bestond uit dertien (13) leden, waarvan negen (9) gekozen werden middels het personenmeerderheidsstelsel, conform het censuskiesrecht en vier (4) werden benoemd door de gouverneur. In 1936 kwam er een wijziging in het kiesstelsel en werd het capaciteitskiesrecht toegevoegd naast het censuskiesrecht. Het aantal leden van de Koloniale Staten werd van dertien (13) naar vijftien (15) verhoogd, waarvan tien (10) gekozen werden middels het personen-meerderheidsstelsel en vijf (5) benoemd door de gouverneur.11 In 1948 werd het districtenstelsel ingevoerd en werd het land verdeeld in kieskringen. De reden voor invoering van het districtenstelsel, was op grond van de algemene klacht dat districten vanwege hun geografische ligging niet goed vertegenwoordigd waren in de Koloniale Staten. De invoering van het algemeen kiesrecht voor mannen en vrouwen (het actief kiesrecht voor vrouwen) middels de Surinaamse Staatsregeling van 1948, bracht een einde aan benoemde leden binnen de volksvertegenwoordiging. De machts- en belangengroepen die eerst tegen het algemeen kiesrecht waren, konden de druk van de bevolking op het in etnisch en regionaal opzicht onrechtvaardig kiesstelsel niet meer stuiten. Anderzijds werd het kiesstelsel in bestuurlijk opzicht als doelmatig ervaren, omdat het een duidelijke winnaar aanwees en het bracht de regeermacht bij de politieke partij en bevolkingsgroep, die onder de toen geldende omstandigheden er het best voor onderlegd waren. Er kwam een op maat gesneden kiesstelsel uit de bus, bedoeld om voor langere tijd een stads-creoolse meerderheid te garanderen12, die in deze periode de hoogste educatie had in vergelijking met andere bevolkingsgroepen in andere delen van het land. Het districtenen het personenmeerderheidsstelsel werden ingevoerd, waarbij Paramaribo 10 en de overige kieskringen samen 11 leden afvaardigden ( 21 leden). 9 Niet alle politieke organisaties hebben om diverse redenen binnen de gestelde termijn kunnen reageren. 10 Hun zienswijze is terug te lezen op het Secretariaat van het Hof. 11 Ooft Coen, Staatsinrichting van de Republiek Suriname, 1976. 12 Sedney Jules, Toekomst van ons verleden, 1997, p. 150. Page 8 of 27

Select target paragraph3